zaterdag, 27 november 2021
spot_img
HomeNatuurIn de Twickelse bossen is meer te zien dan alleen maar bomen

In de Twickelse bossen is meer te zien dan alleen maar bomen

          Terug in de tijd met natuurkenner en natuurfotograaf Han Brinkcate.

                              Herhaling :Aflevering 1. 9 januari, 1991.

In deze eerste aflevering, gaan we kijken naar de ijsvogels aan de Twickeler – vaart. Een paar zomers achter elkaar heb ik ze daar gezien. Prachtig blauw en geel-oranje van kleur zitten ze op hun uitkijkpost te wachten. Deze uitkijkpost heeft de ijsvogel nodig om zijn prooi te bespieden. Meestal bevindt deze post zich boven het water. Overhangende boomtakken, uit de oeverwal stekende boomwortels, of een paaltje zijn hun favoriete visstekjes. Visjes en andere prooidieren worden nauwkeurig in de gaten gehouden. Plotseling vliegt de ijsvogel dan op, om soms na een korte “bidstond” met zijn snavel in de aanslag onder het wateroppervlak te verdwijnen. De snavel van de ijsvogel is dolkvormig en niet alleen geschikt voor het vangen van prooidieren. Deze snavel komt ook goed van pas als hulp bij het uitgraven van zijn nest. Dit nest bestaat uit een 40 tot 100 cm ietwat schuin omhoog lopende gang, met aan het eind een ruime nestkamer. Deze nestkamer is bekleed met graatjes en chitineschaaltjes van ongewervelde prooidieren afkomstig uit de braakballen van de ijsvogel. Voor het graven van zijn nestholte zoekt de ijsvogel meestal een steile oever, met hier en daar een boomwortel, maar verder geen begroeiing. Wezels, hermelijnen, ratten, enz. die de nesten zonder moeite kunnen vinden (uit de nesten komt een vieze vislucht) hebben zo geen kans om ze leeg te roven. Aan de Twickelervaart heeft de ijsvogel voor het broeden “gebruik gemaakt” van omgewaaide boomwortels en draineerbuizen die in de vaart uitkomen. Maar deze nestplaatsen bieden totaal geen bescherming voor de ijsvogel. Beide ouders bebroeden 6 a 7 witte eieren, die na plm. 3 weken uitkomen. De jongen verlaten na drie en een halve week het nest. In gunstige tijden worden er soms 3 legsels grootgebracht. De uitgevlogen jongen bezetten weer nieuwe territoria. Als u de kans krijgt om een ijsvogel te bespieden, moet u eens opletten als ze een visje (meestal 7 a 9 cm groot) hebben gevangen. Dan vliegen ze hiermee terug naar hun post en voordat ze het visje in zijn geheel inslikken slaan ze het dood op een tak. Als eerste gaat de kop, daarna de rest. Dit heeft alleen maar tot doel dat het visje (voor 40% stekelbaasjes) niet in hun keel blijft hangen. In niet te strenge winters blijft deze vogel in de buurt van zijn broedgebied. Vriest het water toch dicht, dan verplaatst hij zich verder naar het westen. Op 9 januari in het jaar 1991, toen ik deze column dus heb geschreven voor het Deldensweekblad was de ijsvogel een zeer zeldzame vogel, die door de watervervuiling in een steeds kleinere hoek werd gedreven.

(Nu 29 jaar later is de waterkwaliteit stukken beter geworden).                          

Nieuwstip of nieuwe informatie?

Tip onze redactie via een WhatsApp-bericht: 06 11 43 55 22

Natuur

Laatste Nieuws